
Baanbrekende architectuur
In 1389 kreeg Delft met het graven van een kanaal van de Schie naar de Maas haar eigen haven: Delfshaven. Tot het begin van de twintigste eeuw was de polder ten westen van dit kanaal, Spangen, onbebouwd. Door de toestroom van vele nieuwe arbeiders naar het snel groeiende Rotterdam was uitbreiding naar het westen, richting Schiedam, noodzakelijk. Ingenieur Pieter Verhagen kreeg de opdracht van de gemeente Rotterdam om een moderne, sociale arbeiderswijk te bouwen volgens de nieuwste inzichten. Het stratenplan werd geheel symmetrisch en in een stervormig patroon aangelegd. Een nieuwigheid was de invoering van gemeenschappelijke tuinen. Dankzij de oprichting van de Gemeentelijke Woningdienst in 1917 konden gerenommeerde architecten, kunstenaars en ontwerpers bijdragen leveren aan de realisatie van grote woningbouwprojecten in de nieuwe wijk.
Het Justuskwartier
Het woonblok aan de Justus van Effenstraat, het Justus van Effencomplex van architect Michiel Brinkman, is wereldberoemd geworden en vormt een mijlpaal in de Nederlandse volkshuisvestingbouw. Vernieuwend waren de gemeenschappelijke voorzieningen, de groene binnenterreinen en de revolutionaire ‘bovenstraat’: een ruim twee meter brede galerij, waaraan de voordeuren van de bovenwoningen grenzen. Woningcorporatie Woonstad Rotterdam herstelt het wereldberoemde rijksmonument op dit moment weer in zijn oude glorie en past het aan aan de eisen en wensen van deze tijd. Er komen 154 koop- en huurwoningen met diverse oppervlakten. De oplevering is in 2012.
Van Nelle complex
Direct aan de grens van Spangen ligt aan de Schie het Van Nelle complex. Deze oorspronkelijke fabriek voor koffie, thee en tabak werd gebouwd in 1929 en is een van de beroemdste voorbeelden van 'Het nieuwe bouwen' in Nederland. Momenteel is het industriële monument een grote ontwerpfabriek en werkplaats voor nieuwe bedrijven.
Eerste voetbalstadion van Nederland
Midden in Spangen verrees in 1916 het eerste voetbalstadion van Nederland. Het was de beloning voor vijf landskampioenschappen in de periode 1909 – 1915. Als herinnering aan het middeleeuwse slot Spangen dat ooit in de voormalige polder stond, kreeg de voorgevel de trekjes van een kasteel. Vandaar dat het stadion in de volksmond 'Het Kasteel' genoemd wordt.
Een tumultueuze periode
Tot in de jaren vijftig, zestig was Spangen een nette wijk, waarin veel ambtenaren, onderwijzers en ambachtslieden woonden. Twintig jaar later was Spangen onherkenbaar veranderd. De huizen waren slecht onderhouden en de meeste oorspronkelijke Spangenaren verhuisd naar elders. In hun plaats kwamen de armsten, waaronder veel allochtonen. Huisjesmelkers kochten woningen op en de boel verpauperde in een hoog tempo. De gemeente maakte plannen voor renovatie, maar daarvan kwam weinig terecht doordat de onteigening van de huisjesmelkers veel langer duurde dan men had ingeschat. De deels dichtgetimmerde woningen trokken nu veel junks en drugsdealers aan. Het in de jaren twintig met zo veel elan opgebouwde Spangen was nu een toevluchtsoord voor verslaafden en criminelen. De overgebleven bewoners begonnen steeds feller te protesteren tegen deze ontwikkelingen.
Spangen weer in de lift
Halverwege de jaren negentig leken de bewoners eindelijk te worden gehoord. De gemeente begon werk te maken van de renovaties. Dichtgetimmerde blokken werden eindelijk gesloopt en langs de Delfshavense Schie verrezen koopappartementen. Huisjesmelkers werden aangepakt en er kwamen betaalbare huurwoningen. Beetje bij beetje kwamen ook de hogere inkomens terug, mede dankzij gemeentelijke projecten waarbij bewoners 'gratis' huizen aangeboden kregen als zij zich verenigden in een Vereniging van Eigenaars en dan financieel en praktisch meehielpen om zogenaamde kluswoningen op te knappen, alvorens daar zelf te gaan wonen. Inmiddels is Spangen weer een aantrekkelijke, veilige wijk geworden waar mensen van uiteenlopende achtergrond en leefstijl prettig naast elkaar leven. Vooral jonge gezinnen en creatieve ondernemers vestigen zich er graag.